Dat (lastige) compliment
Europeanen worstelen ermee als het gaat om waardering uitspreken naar de collega: “Maar het moet wel echt zijn”! zeggen we vaak. Er bestaat ook de overtuiging dat te veel positiviteit, niet goed is voor een mens. Dit is onwaar. Waarderend kijken verankerd juist positief gedrag bij de ander, kritische feedback juist niet:
Tool 1: Championing; het compliment/waardering uistpreken vanuit je hart en gevoel maar ook jouw eigen norm. Je benoemt (met positieve taal!) vaardigheden, kennis of kwaliteiten van de collega. Zij/hij is een voorbeeld voor anderen. Waardering koppel je aan het effect op het grotere geheel: team, organisatie en klant. Je spreekt je vertrouwen uit en dat je zij/hij succesvol is in doelen behalen en zet de ander op een voetstuk. Het vraagt ook vergroten in non-verbaal en synoniemen in taal. Dat voelt een beetje als overdrijven (voor velen onnatuurlijk) en herhalen.
Tool 2: Articulating; oftewel uitlichten, inzoomen op een specifieke kracht. Je benoemt een detail/specifieke taak of vaardigheid. Je voegt toe wat je denkt dat er gaande is: “Ik zie dat je plezier hebt als je met mensen werkt”. Of: “Ik merk dat je in je flow komt als je nauwkeurigheid toevoegt, klopt dat?”. Ook kun je het ontwikkelingsthema benoemen: “Je hebt moeite en energie gestoken in X enik zie dat. Je maakt mooie stappen naar senioriteit en expert niveau, merk jij dat zelf ook?”.
Tool 3: Acknowledging: feitelijk erkennen (vanuit cognitie) van andermans eigenschappen en kwaliteiten. Handig als je minder een klik ervaart met de ander (of minder graag mag). Feitelijk zien waar de ander goed in is zo haalbaar (vaak het tegenovergestelde van wat je zelf ‘bent’) maar het compliment vanuit het hart is dan lastig. Je benoemt competenties die bij de collega horen (vind deze niet ‘normaal’!).
Bonustool: Challenging; de collega uitdagen nog een stapje verder te gaan. Deze volgt natuurlijk voort op articulating. Let op: de energie van de ander moet er wel zijn. Dus niet vlak voor een kerstreces of zomervakantie. Zeg bijvoorbeeld: “Je bent al ver gekomen, ik heb vertrouwen in je dat je nóg een stapje beter/hoger kan. Ga je de uitdaging aan? Wat kan je eerste stapje zijn om dat doel te bereiken?”
Zonder tijdsdruk maar wel met een doel in de toekomst. Daarna stap je als leidinggevende weer in tool 1, 2 (of nummer 3).
Succes! Doen!





